Uitgangspunten Ontwikkelingskosten

Situatie Een belegger kan voor een periode van 40 jaar een woning gaan exploiteren. Uitgangspunten Ontwikkelingskosten: € 90.000, bouwtijd = 0 (op beslismoment van de belegger is de woning gereed) Exit yield: 9,0%, restwaarde methodiek Factor k.k.: 9,0% Huur: € 600 per maand, betaling flexplek huren amsterdam begin maand Huurstijging jaar 1 t/m 10: 2,0% per jaar Huurstijging jaar 11 t/m 40: 1,5% per jaar Leegstand: 2,0% per jaar (gemiddelde portefeuille leegstand) Exploitatiekosten: € 500 per woning in jaar 1 Exploitatiekostenstijging: 2,0% per jaar Groot onderhoud: 20,0% van de geïndexeerde flexplek huren schiphol ontwikkelingskosten eind jaar 20 Rendementseis: 8,0% Verder geldt 1. Alle betalingen vinden aan het einde van een jaar plaats; 2. Ontwikkelingskosten zijn gedefinieerd als alle kosten: aanneemsom, afkoop prijsstijgingen, kosten voor architect constructeur, bouwrente, algemene kosten, winst en risico, etc. Vragen: A Herleid de huurbetalingen tot een eindejaars huur. (Zie vraagstuk 1 .00 vraag H4). Wat is de herleide eindejaars huur in jaar 1? B Wat kan de belegger financieel flexplek huren leeuwarden gezien nu maximaal investeren? C Wat kan de belegger dan nu voor de grond betalen? Achtergrond Beleggen in een object is hetzelfde als sparen met een spaarbankboekje: MEN HEEFT GELD. Rente is een opbrengst: je berekent primair de IRR. Projectontwikkelingen of grondexploitaties zijn te flexplek huren groningen vergelijken met een rekening courant: MEN HEEFT GELD NODIG. Rente is een kostenfactor: Je berekent primair de netto winstmarge. Situatie U investeert € 1 .000.000 in een pand. Uitgangspunten – Investering: € 1 .000.000 – Waarde grond onder object: € 200.000 – U koopt tegen een NAR van: 6,0% – De netto inkomstenstijging: 2,0% (is inflatie) – Rendementseis: 8,0% – Exploitatieperiode: 20 jaar Verder geldt 1. We nemen aan dat de ten behoeve van het NAR gebruikte exploitatiekosten ook daadwerkelijk optreden en dat deze kosten jaarlijks stijgen met de inflatie. Vragen A Laat zien dat de waardestijging bij de gegeven rendementseis 2% moet zijn. Stelling: Als u koopt tegen een NAR van 6% en de rendementseis is 8% dan moet de waarde stijgen met 8 % – 6 % = 2 % .